Wat mis je eigenlijk als je geen gebruik maakt van adaptiviteit in e-learning?

Adaptiviteit in e-learning is hot, ik krijg er regelmatig vragen over. In heel veel e-learning wordt adaptiviteit niet toegepast. Maar is dat eigenlijk erg?

Wat is adaptiviteit in e-learning?

adaptiviteit in e-learning

Het belangrijkste kenmerk van adaptiviteit in e-learning is dat de lesstof zich aanpast aan de voorkennis of vaardigheden van de lerende. Dat betekent dat als de cursist al beschikt over kennis of vaardigheden, deze bijvoorbeeld lesstof kan overslaan of juist extra verdiepende lesstof krijgt. En als de kennis of vaardigheden nog onvoldoende zijn, dat de cursist extra oefenopgaven krijgt.

Stel je voor dat je een herhalingscursus doet over diabetes. In een adaptief leerprogramma kun je dan starten met een toets. Als je die toets haalt, dan is jouw kennis groot genoeg en hoef je de module niet opnieuw te doen.

De andere kant op kan natuurlijk ook. Op het moment dat iemand verpleegkundig rekenen doet en het blijkt dat rond het onderwerp  ‘verdunningen’ alle antwoorden fout zijn, dan kan er extra uitleg komen over het onderwerp ‘verdunningen’ en extra oefenopgaven.

Wanneer is adaptiviteit zinnig?

Ik noemde het net al eventjes, verpleegkundig rekenen. Dat is een groot onderwerp; er zitten onderwerpen in als verdunningen maken, omrekenen van bijvoorbeeld milliliters per uur naar een bepaald tijdstip, van grammen omrekenen naar andere eenheden, zuurstofflessen die opraken. Rond bepaalde onderwerpen is het veel van hetzelfde met net andere gegevens en getalletjes en andere sommen. Dan komt adaptiviteit goed van pas. In een toets kun je meten wat een cursist al kan en waar nog wat te leren valt. Over het onderwerp waar de cursist niet goed op scoort, kun je dan extra uitleg bieden en bijvoorbeeld sommen waarbij het probleem stapsgewijs wordt opgelost in plaats van in 1 keer. Zodat de cursist leert om steeds de juiste stappen te zetten.

In dit geval is adaptiviteit nuttig en zinvol.

Wanneer is adaptiviteit dan niet zo zinnig?

Adaptiviteit is minder zinnig als de kennis voor de cursist naar verwachting erg laag is, bijvoorbeeld omdat het een nieuwe procedure of methode is. Zoals werken met Omaha. Als je weet dat dit nieuw is voor de cursist dan is het minder zinvol om adaptiviteit in te bouwen.

Het andere punt is dat adaptiviteit vraagt om een zeer scherp kader wanneer iemand wel en wanneer iemand niet over voldoende kennis of vaardigheden beschikt en dat meetbaar maken in vragen of opdrachten. Voor rekenen is dat goed te doen. Maar een onderwerp als samenwerking in de eerste lijn rond kwetsbare ouderen bijvoorbeeld vraagt kennis en vaardigheden op verschillende terreinen. En voor een valide toets heb je ook een minimaal aantal vragen nodig. Dat vraagt dus ook nog wel wat van de samensteller.

Wat ik soms zie is dat cursisten rondom een bepaald onderwerp dan een kleine toets van 4 vragen moet doen. Natuurlijk geeft dat een indicatie over iemands kennis, maar is het ook voldoende om lesstof over te kunnen slaan?

In de zorg valt het dus wel mee…

In de zorg gaat de adaptiviteit van de e-learning vaak niet verder dan dat een cursist de eindtoets doet, daarvoor slaagt en dan de lesstof niet hoeft te bestuderen. Voor reeds bekende kennis (zoals je dat mag verwachten bij de risicovolle en voorbehouden handelingen) is dat een prima vorm van adaptiviteit. Verder kom ik het maar heel mondjesmaat tegen. En ik denk dat dat ook helemaal niet erg is: om goed te kunnen bepalen wat iemand rond een thema al weet, moet je goede testen en scherpe criteria hebben. Da’s nog best lastig en roept altijd frictie op bij degenen die net op het randje scoren. Maar … bij medisch rekenen zou het wel echt super zijn als cursisten meer uitleg of juist meer verdieping krijgen op basis van hun resultaten!

Ik ben benieuwd of jij adaptiviteit in de-learning mist en wat jij graag zou zien. Laat je het weten in de comments?

Share

Geef je mening

*

Share