welkom bij elearning made easy

Praktijkgerichte betaalbare e-learningoplossingen
voor de ouderenzorg en gehandicaptenzorg

Praktijkgerichte betaalbare
e-learningoplossingen
voor de ouderenzorg en gehandicaptenzorg

Als je e-learning gaat ontwikkelen is het belangrijk om kennis van zaken te krijgen. Dat betekent ook dat je een nieuw begrippenkader nodig hebt. Gezamenlijke taal waardoor je mét elkaar weet: hier heb ik het over; dit bedoel ik! Denk bijvoorbeeld aan Astronautenvoer of tapas. 

astronautenvoerMet astronautenvoer of tapas bedoel ik: hoe is de tekst eigenlijk geschreven? Is dat een tekst die vól informatie en nuttige zaken zit, zoals in feite in astronautenvoer het geval is? Astronautenvoer voldoet aan alle eisen van gezonde voeding. Alleen: het smaakt nergens naar. Het zit in een tubetje: het ziet er niet uit, het ruikt niet lekker. Maar zoals gezegd: het bevat alle nuttige en nodige ingrediënten. Óf wil je cursisten een maaltijd (cursus) aanbieden die er aantrekkelijk uitziet; die lekker smaakt en ruikt waardoor de cursist trek krijgt? Een aantrekkelijke tekst in de e-learning cursus zoals ik die geef hebben wij “tapas” genoemd. En een droge, dorre tekst gaat dus over dat astronautenvoer. En is het ook niet makkelijker om aan medewerkers als feedback te geven: “Dat kan wel een beetje meer tapas…“? 😉

De cursist en de knikkerbaan

Voor het leren van de cursist in de e-learning maak ik graag de vergelijking met een knikkerbaan. Het knikkertje rolt, als alles goed gaat, mooi van boven naar beneden en dat stelt eisen aan je knikkerbaan of je leeraanbod. Het aanbod mag niet te snel gaat (dan zoeft je cursist uit de knikkerbaan), maar ook niet te langzaam want dan ligt ‘ie stil en houdt ‘ie er ook mee op.

In een knikkerbaan mogen ook geen hobbels zitten. Een hobbel kan bijvoorbeeld een vraag zijn over de lesstof. En kan ertoe leiden dat de cursist uit de knikkerbaan schiet. Of ergernis over de techniek waardoor de cursist zelf uit de knikkerbaan stapt.

Van de ontwikkelaar van de knikkerbaan (of het e-learning traject) vraag je veel en om veel verschillende dingen: vandaar dat het ontwikkelen van e-learning zo’n kostbare zaak is.

Verwachtingsmanagement

Als we het hebben over gezamenlijke e-learning taal spreken, dan is verwachtingsmanagement er ook zo eentje. Als je e-learning gaat ontwikkelen vanuit de inhoud, is dit vaak een ondergeschoven kindje. Terwijl het voor cursisten enorm belangrijk is.

Wat bedoel ik met verwachtingsmanagement? Dat je aan de cursist meegeeft: dit kun je verwachten en dit zijn de stappen die je op moment x en y klaar moet hebben. Bijvoorbeeld: dit is een serie modules; in deze serie modules ga je dit en dat doen; je hebt ook nog een klassikale bijeenkomst; voor die klassikale bijeenkomst verwachten we dat je je huiswerk hebt gedaan.

En verwachtingsmanagement is ook: wat gebeurt er op het moment dat je de e-learning niet doet? Bij wie kun je terecht met vragen? Goed om over na te denken en een plek te geven in de e-learning en in de ondersteuning tijdens de e-learning.

Angstreductie

Angstreductie gaat over het inbouwen van zekerheden voor cursisten en deze expliciet maken. Dat kun je doen in ondersteunende mails (en dan heeft het zeker een link met verwachtingsmanagement). Maar het heeft bijvoorbeeld ook te maken met een userinterface die steeds hetzelfde is: knoppen die steeds op dezelfde plek zitten en inzicht voor de cursist hoeveel van de module zij/hij al heeft afgerond. Maar denk ook aan gebruik van steeds dezelfde icoontjes, duidelijk aangeven wanneer een toets begint enzovoort.

Ik hoop dat ik je heb geïnspireerd met dit artikel. Mocht je belangstelling hebben om zelf e-learning te gaan ontwikkelen en daar ook een cursus over willen volgen, neem dan contact op via het contactformulier.