welkom bij elearning made easy

Praktijkgerichte betaalbare e-learningoplossingen
voor de ouderenzorg en gehandicaptenzorg

Praktijkgerichte betaalbare
e-learningoplossingen
voor de ouderenzorg en gehandicaptenzorg

aantrekkelijke e-learningJe wilt e-learning ontwikkelen die aantrekkelijk is voor je deelnemers, zodat ze denken: “dit ziet er leuk uit; hier ga ik fijn mee aan de slag”. Hoe doe je dat dan? Hoe trek je cursisten in de e-learning en zet je ze aan tot leren?

Tip 1: maak e-learning toegepast op je doelgroep

Dit betekent dat je lesstof aanbiedt die relevant is voor hun beroepssetting. Op het moment dat je niet aanbiedt wat relevant is voor hun beroepssituatie, is het heel makkelijk voor deelnemers om te denken: “dit hoef ik niet echt te weten, bij mij is dit heel anders en werkt dit heel anders”. Ook al lezen ze het dan door of nemen ze de stof door, ze slaan het niet op in hun hoofd. Want “dit is niet voor mij”. Denk aan een filmpje over handhygiëne waarin een elleboogkraan voorkomt. Voor de thuiszorg wil je dat er in het filmpje een gewone kraan voorkomt, want een elleboogkraan kom je in een thuissituatie niet tegen.

Het is ook belangrijk om deelnemers aan te spreken zoals ze dat willen. Dus kies voor ‘je’ of voor ‘u’. Zorg er in ieder geval voor dat de taal niet te abstract wordt met ‘men/hij/zij’. Mijd ook veel passieve zinnen, zoals “de leerling wordt begeleid gedurende een bepaalde periode” als het over werkbegeleiding gaat, maar gebruik “jij als werkbegeleider ondersteunt de leerling”. Met passieve zinnen en formeel taalgebruik blijft de lesstof afstandelijk.

Kies je voor je of u? In het Engels bestaat er natuurlijk geen verschil tussen ‘je’ en ‘u’. In het Nederlands wel. In het Belgisch zou ik zeker voor ‘u’ kiezen. Daar is het taalgebruik toch iets formeler. Voor Nederland kun je je afvragen of je niet altijd beter kunt kiezen voor ‘je’. Bij ons is je-zeggen gebruikelijk. En daardoor maak je de lesstof ook meteen dichter bij de deelnemer en ervaart de deelnemer een duidelijker appèl op zijn/haar deelname.

Tip 2: neem beroepskritische situaties als uitgangspunt

Wat bedoel ik met beroepskritische situaties? Een beroepskritische situatie is een voorbeeld dat herkenbaar is uit de praktijk, gerelateerd aan het onderwerp van de lesstof, waarin er geregeld iets fout gaat.

Stel je voor dat je als werkbegeleider een cursus volgt over “Hoe doe je aan goede werkbegeleiding?”. Dan is een beroepskritische situatie bijvoorbeeld dat er bij de leerling die je begeleidt onduidelijkheid is over welke rol jij vervult. Als werkbegeleider kun je drie rollen vervullen: de beoordelaar, de begeleider of de opleider. Op het moment dat je daar onduidelijkheid over krijgt, of onduidelijk bent naar de leerling, kunnen er vervelende situaties ontstaan. Dat is een beroepskritische situatie.

Het is dus een situatie die heel herkenbaar is. Je trekt de deelnemers als het ware in de lesstof. Je betrekt ze bij een probleem dat zij tegenkomen in hun dagelijks werk en daardoor activeer je ook de hersenen van de deelnemer. Want die denkt: “hé, dit herken ik. HIER kan ik wat leren”. Hierdoor bied je ineens veel meer dan de informatie die zij tot zich moeten nemen. De lesstof verandert van informatie naar núttige informatie. “Hier kan ik wat mee.”

Het is van belang dat deelnemers zonder negatieve gevolgen kunnen oefenen. En daarmee bedoel ik dat de deelnemers tijdens de cursus de verkeerde mogelijkheden moeten kunnen aanklikken om te kijken wat er gebeurt op het moment. Want als die resultaten van de ‘verkeerde antwoorden’ meetellen voor een uiteindelijke beoordeling, dan kun je je voorstellen dat mensen alleen maar de goede antwoorden aanklikken of doorredeneren op de beste strategie. Niet voor niets stelt het spreekwoord dat je het meest leert van fouten. Geef deelnemers daar dus de gelegenheid voor.

Tip 3: feedback op het leerproces

Een deelnemer doet een e-cursus vaak alleen achter de computer. Daardoor is het lastiger om te checken of je op de goede weg zit. Zorg dat er in je e-learning momenten ingebouwd zijn met meerkeuzevragen, met een vraag om een probleem op te lossen, waarin je mensen laat meedenken. Of een scenario laat doorwerken waardoor ze weten of ze op de goede weg zijn, of (nog) niet. Hoe kun je weten of je al aan het leren bent, of je op de goede weg zit, als je geen feedback krijgt? Dan kom je er pas achter tijdens de toets. Als je pas in de toets kunt checken of je de lesstof snapt, creëer je een onveilige leersituatie. Door ook tussendoor te toetsen, maak je een veilige leersituatie en dat is veel aantrekkelijker!

Tip 4: maak gebruik van de mogelijkheden van e-learning

Voor de leerstijlen heb ik het al vaker gezegd: dat is niet mijn ding, alhoewel ze veel gebruikt worden in trainingen. Toch is er geen wetenschappelijk bewijs voor dat het hoofd van cursisten zo strikt werkt dat je ze kunt indelen naar leerstijlen.

Maar, in e-learning kun je wel een goede afwisseling maken van verschillende vormen om lesstof aan te bieden. Dat maakt e-learning aantrekkelijk voor deelnemers. Je kunt een film invoegen, een vraag invoegen, een stuk tekst, beeld, geluid, een interactief element waar net op een andere manier de informatie wordt geordend; mensen kunnen een scenario doorlopen.

Tip 5: een goede en logische vormgeving

Zorg dat je goed materiaal hebt. Als je filmpjes laat maken, zorg dat ze duidelijk zijn en ze instructief zijn. Dat deelnemers weten: “dit kan ik uit het filmpje halen”. Datzelfde geldt voor audio: is het goed te verstaan? Is het niet een al te irritante stem? Ook bij foto’s: zijn ze scherp? En Illustraties: is dit relevant voor de lesstof?

Maar vormgeving gaat ook over consequent zijn. Het menselijk brein is erop gericht om afwijkingen van de norm te constateren. Dat hebben we natuurlijk overgehouden uit onze prehistorische tijd: dat is handig, want dan zie je de leeuw door het beeld lopen. Dit kenmerk van het brein om afwijkingen te zien, zorgt voor onrust in je brein als bijvoorbeeld de opmaak steeds wisselt. Dus zorg dat lettertypes en koppen steeds hetzelfde zijn. En zorg er ook voor dat bijvoorbeeld knoppen steeds op dezelfde plek staan, zodat mensen niet op zoek hoeven naar de NEXT button.

Ik ben benieuwd naar jouw tips om aantrekkelijke e-learning te maken, die hoor ik graag.

Vind je dit een interessant artikel, deel het dan met je netwerk. Zij blij, ik blij!